Onderfinanciering hoger onderwijs
De Vlaamse overheid onderfinanciert het hoger onderwijs. De hogescholen versterken dat probleem zelf door te besparen op docenten om hun bureaucratie uit te bouwen. De Vlaamse hogescholen en universiteiten lopen elk jaar ruim 667 miljoen euro mis als gevolg van besparingsmaatregelen. Dat duurt al 15 jaar. Sinds 2008, het jaar waarin het financieringsdecreet voor het hoger onderwijs in werking trad, daalde de financiering per student van ruim 9.500 euro per jaar naar minder dan 7.500 euro per jaar. Intussen steeg het aantal studenten in het hoger onderwijs met bijna 50 procent, van 215.000 naar 315.000 studenten. De Oeso stelde vast dat de gemiddelde overheidsuitgaven voor basis- en bijkomende diensten in de Vlaamse instellingen hoger onderwijs (universiteiten en hogescholen samen) met 3 procent gedaald zijn tussen 2012 en 2017, rekening houdend met de inflatie.
Sinds 2019 worden de graduaatsopleidingen door de hogescholen aangeboden, voorheen door de centra voor volwassenenonderwijs. Dit is een goede zaak voor de verdere democratisering van het hoger onderwijs. Bij het overgaan van deze opleidingen naar de hogescholen werden evenwel geen werkingsmiddelen voorzien, de graduaatsstudent moest bij wijze van spreken ‘op straat’ opgeleid worden, wat een negatieve financiële impact heeft van ongeveer 18,5 miljoen euro. Er ontstaat een stijgende onderfinanciering van de graduaatsopleidingen ten opzichte van de andere hogeschoolopleidingen. (https://www.vlaamsehogescholenraad.be/nl/actualiteit/ons-geld-is-op)
Secundair onderwijs
Er is meer ambitie nodig om het technisch en beroepsonderwijs aantrekkelijker te maken in de hoofden van de samenleving. Het negatieve stigma moet eruit. Technische beroepen hebben geen hoge maatschappelijk status. Ook hier moet aan gewerkt worden. In de Nederlandse publicatie Klimaatbanen in de gebouwde omgeving signaleert het UWV een groot tekort aan technische vakmensen. In België is dit wellicht niet anders.
Er moet een makkelijkere doorstroom komen van ASO richtingen naar TSO richtingen met een mogelijk en haalbaar inhaaltraject voor zogenaamde zijsintromers. BSO en TSO richtingen zouden vrijgesteld moeten worden van een minimum aantal leerlingen per opleiding (zoals dat voor Latijn en Grieks geldt).
Het lerarentekort speelt extra in het technisch en beroepsonderwijs. Er zijn veel minder lesgevers in aantal voor vakken als bijvoorbeeld in een opleiding rond elektriciteit. Hierdoor zullen ze misschien in de statistieken minder opvallen, maar des te meer wordt het een probleem als net deze wegvallen.
Schoolgebouwen toekomst bestendig maken
De helft van de scholen in Vlaanderen is ouder dan vijftig jaar. Dat wordt de volgende legislatuur een probleem. Vlaanderen moet zijn publieke gebouwen van Europa tegen 2030 en 2050 in twee fasen vergroenen. De ventilatie in van de schoolgebouwen moet optimaal zijn om verspreiding van infectieziekten te beheersen en om de concentratie van de leerlingen, studenten en onderwijzend personeel te bevorderen.
Een fundamentele hervorming van het statuut van de leraar
Dat betekent: een moderner hr-beleid, een 38- urenweek of jaaropdracht, flexibele aanwerving en minder verlofstelsels.