Skip to content
Veerle Baert
Veerle Baert

  • Home
  • Wie ben ik?
  • Mijn mondelinge en schriftelijke vragen
    • 2026
      • Kwartaal 2 โ€“ 2026
      • Kwartaal 1 โ€“ 2026
    • 2025
      • Kwartaal 4 โ€“ 2025
      • Kwartaal 3 โ€“ 2025
      • Kwartaal 2 โ€“ 2025
      • Kwartaal 1 โ€“ 2025
Veerle Baert

Kwartaal 2 – 2025

Defecte sensoren van de sorteerpunten IVAGO

24/06/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Sofie Bracke

De vraag โ†’

Heel wat appartementen en enkele huizen zijn aangesloten op een sorteerpunt.

Enkel inwoners die toegang hebben tot het sorteerpunt kunnen met hun sorteerpuntkaart de luiken openen.

Ik heb vernomen dat af en toe de sensoren niet werken, waardoor de luiken niet opengaan en het afval niet kan gedeponeerd worden.

  • Hoe werkt het hele systeem ?
  • Wat als er zich een storing/defect  voordoet ?
  • Hoe verloopt de communicatie naar de buurtbewoners ?
Het antwoord โ†’

Gezinnen die via dit systeem hun afval moeten aanbieden, krijgen een sorteerpuntkaart van IVAGO. Met deze kaart hebben ze toegang tot een of meerder locaties met ondergrondse containers in hun buurt. Als het saldo toereikend is en de kaart zelf niet defect is, dan kunnen ze afval deponeren tussen 6 en 22 uur.

Als er problemen zijn met een ondergrondse container, dan ontvangt IVAGO automatisch een melding en plant IVAGO een interventie. Doorgaans lukt dit al de dag zelf of de dag nadien, afhankelijk van de omvang van het probleem.

De communicatie verloopt via de display van de zuil. Het scherm geeft duidelijk aan wanneer de zuil niet toegankelijk, defect of vol is, alsook wanneer de burger onvoldoende saldo heeft. Bij een probleem van langere duur, zorgt IVAGO voor bijkomende communicatie met bijvoorbeeld affiches of stickers.

De algemene communicatie over het gebruik van de ondergrondse containers loopt via de diverse communicatiekanalen van IVAGO, waaronder ook een sorteerpuntbrochure met info over de melding van mogelijke defecten.


Huisartsentekort

23/06/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Astrid De Bruycker

De vraag โ†’

De algemene stelregel is dat รฉรฉn huisarts ongeveer 1.000 patiรซnten kan verzorgen. Zijn er dus minder dan 10 artsen per 10.000 inwoners in een gemeente actief, dan valt die als โ€˜huisartsenarmโ€™ te omschrijven.

De norm die als โ€˜ideaalโ€™ wordt beschouwd, is 90 huisartsen (jonger dan 65 jaar) per 100.000 inwoners.

Huisartsenkringen betwisten het gebruik van RIZIV-cijfers, omdat de federale overheid zich baseert op domicilie-adressen. Die lopen lang niet altijd gelijk met het adres waar de huisarts actief is of zijn/haar praktijk heeft. In sommige gemeenten is het tekort aan huisartsen in werkelijkheid dan ook groter dan de Vlaamse kaart weergeeft.

  • Gebruikt de Stad Gent voor haar gezondheidsbeleid de RIZIV-cijfers om de huisartsendichtheid in kaart te brengen? Indien ja, is de schepen zich ervan bewust dat deze cijfers gebaseerd zijn op domicilieadressen en mogelijk niet overeenkomen met de locatie van de huisartsenpraktijken?
  • Houdt de stad rekening met de kritiek van huisartsenkringen dat het gebruik van deze RIZIV-cijfers een vertekend beeld kan geven van de werkelijke huisartsendichtheid per wijk?
  • Wordt er in Gent, naast de federale cijfers, ook gebruik gemaakt van eigen data of aanvullende bronnen om een realistischer beeld te krijgen van het aantal actieve huisartsen per wijk?
  • Volgens de norm van 1 huisarts per 1.000 inwoners en een ideale verhouding van 90 huisartsen jonger dan 65 jaar per 100.000 inwoners: voldoet Gent als stad, en voldoen de verschillende wijken binnen Gent, aan deze norm?
  • Zijn er Gentse wijken die onder de drempel van 10 huisartsen per 10.000 inwoners vallen en dus als โ€˜huisartsenarmโ€™ beschouwd kunnen worden? Zo ja, welke zijn dat?
  • Worden er acties ondernomen om huisartsen aan te moedigen zich te vestigen in wijken waar er tekorten zijn?
  • Welke structurele maatregelen neemt de stad om op langere termijn een evenwichtige en duurzame huisartsenzorg te garanderen voor alle Gentenaars?
Het antwoord โ†’

Beste collega Baert,  

Dank voor je vraag en de terechte aandacht die je vestigt op de rol van de huisarts in ons zorglandschap. De huisarts vervult immers een essentiรซle functie als eerstelijnszorgverlener. Niet alleen is hij of zij vaak het eerste aanspreekpunt voor patiรซnten, maar ook speelt de huisarts een sleutelrol in het efficiรซnt functioneren van het bredere zorgsysteem. We stellen vast dat mensen zich nog te vaak rechtstreeks wenden tot gespecialiseerde zorg, zoals spoeddiensten, zonder eerst een huisarts te raadplegen. Dit leidt tot een aanzienlijke druk op de tweedelijnszorg. Daarom is het van groot belang dat er in elke regio voldoende huisartsen beschikbaar zijn. Je snijdt dus een bijzonder belangrijk thema aan, waar ik graag dieper op inga. 

Wat betreft de situatie in Gent: als stadsbestuur maken we geen gebruik van de gegevens van het RIZIV, omdat deze jammer genoeg verouderd zijn en geen accuraat beeld geven van de actuele aanwezigheid van huisartsen in onze stad. Om toch een goed zicht te krijgen op de spreiding en beschikbaarheid van huisartsen in Gent, baseren we ons momenteel op twee bronnen. Enerzijds is er de sociale kaart van Vlaanderen, waarop alle Gentse huisartsen vermeld staan. Deze informatie is echter niet altijd up-to-date, aangezien het aan de huisartsen zelf is om hun gegevens aan te passen. Anderzijds is er de monitoring door de Huisartsenvereniging Gent vzw (HVG), die een veel betrouwbaarder en actueler beeld biedt. 

Zo brengt de HVG onder meer in kaart hoeveel huisartsen er per wijk actief zijn, hoeveel praktijken er zijn en hoe de leeftijdsverdeling van de artsen eruitziet. Op basis daarvan kunnen we inschatten hoeveel artsen er binnen vijf jaar met pensioen zullen gaan. 

Deze monitoring gebeurde in het verleden ook in functie van het Impulseo-fonds, een initiatief van de overheid dat financiรซle stimulansen bood aan huisartsen die zich in huisartsarme gebieden wilden vestigen. De norm van negen huisartsen per tienduizend inwoners is afkomstig uit deze regeling. Het gaat hier echter om een theoretische norm die enkel rekening houdt met het aantal artsen, en niet met het aantal uren dat zij effectief werken. Aangezien veel huisartsen deeltijds actief zijn, ligt de werkelijke capaciteit vaak lager dan deze theoretische norm. Vlaanderen werkt momenteel aan een betere tool om de werkelijke capaciteit van huisartsen in kaart te brengen. 

Wat betreft de concrete cijfers: in 2024 telde Gent 364 huisartsen, exclusief artsen in opleiding. Zij zijn actief in 81 solopraktijken, 63 groepspraktijken en 11 wijkgezondheidscentra. Het merendeel van deze artsen is geconventioneerd. In de komende vijf jaar verwachten we een uitstroom van ongeveer 18%. Dankzij de aanwezigheid van de opleiding huisartsgeneeskunde aan de Universiteit Gent is de instroom in onze stad iets gunstiger dan elders. In 2023 waren er 59 huisartsen in opleiding actief in Gentse praktijken. 

Toch zijn er signalen dat de beschikbaarheid van huisartsen door de bevolking minder positief wordt ervaren. In 2023 gaf 74,3% van de Gentenaars aan dat er voldoende huisartsen in de buurt zijn, tegenover 85,3% in 2020. Deze daling kan verschillende oorzaken hebben. Zo zijn na de coronaperiode de open consultaties in veel praktijken weggevallen en is het moeilijker geworden om een nieuwe huisarts te vinden, onder meer door patiรซntenstops. 

Hoewel Gent op basis van de theoretische norm voldoende huisartsen telt, wordt er geen rekening gehouden met het aantal uren dat artsen effectief werken. Bovendien zijn de huisartsen niet gelijkmatig verspreid over de stad. Uit de gegevens blijkt dat er anno 2025 tekorten zijn, of zich binnenkort kunnen voordoen, in wijken zoals de stationsbuurt-Zuid, Zwijnaarde, de Kanaaldorpen, Drongen, Elisabethbegijnhof – Prinsenhof – Papegaai – Sint-Michiels, Macharius-Heirnis en Gentbrugge. 

Het is belangrijk om hierbij enkele kanttekeningen te maken. Hoewel Gent er in vergelijking met veel randgemeenten en andere Vlaamse steden relatief goed voor staat, zijn ook hier de tekorten voelbaar. De situatie kan bovendien snel veranderen. Wanneer een voltijds werkende huisarts met pensioen gaat, kan dat lokaal een groot tekort veroorzaken. Anderzijds kan een tekort ook snel worden opgevangen wanneer een nieuwe arts zich in de wijk vestigt.  

Als Stad volgen we de monitoring op de voet en communiceren we actief naar de Gentenaars over het belang van een vaste huisarts en de werking van de huisartsenwachtposten. Daarnaast stimuleren we, in samenwerking met de betrokken stedelijke diensten, aandacht voor ruimte voor eerstelijnszorg bij stedelijke ontwikkelingen. In dat kader zijn er al verschillende overlegmomenten geweest met huisartsen over specifieke stadsontwikkelingsprojecten, zoals in de Bernadettewijk en de Oude Bareel. Tot slot brengen we huisartsarme wijken in kaart voor de dienst Stedenbouw en communiceren we naar huisartsen over de adviesfunctie van deze dienst. Huisartsen die hun praktijk willen uitbreiden, vinden immers niet altijd een geschikt pand in hun wijk.  Ik hoop dat dit een helder overzicht biedt van de situatie en de inspanningen die geleverd worden. Uiteraard blijf ik hierover graag met je in gesprek.


Bevraging woonzorgcentra 

23/06/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Astrid De Bruycker

De vraag โ†’

Meer dan 8.000 bewoners en 11.000 familieleden gaven het afgelopen jaar hun mening over hoe zij de kwaliteit van leven, wonen en zorg in woonzorgcentra ervaren. De bevraging, waaraan meer dan de helft van de Vlaamse woonzorgcentra deelnam, is een initiatief van het Vlaams Instituut voor Kwaliteit van Zorg (VIKZ), de Vlaamse Ouderenraad en het Expertisecentrum Dementie Vlaanderen. De Vlaamse Ouderenraad leidde hiervoor maar liefst 600 vrijwillige enquรชteurs op. Zij gingen met bewoners in gesprek. Stuk voor stuk mensen met een luisterend oor, die een cruciale rol speelden in deze bevraging waarvoor dank.

De resultaten werden onlangs gepubliceerd.

  • Hoe evalueert de schepen de resultaten van de 5 Gentse publieke woonzorgcentra?
  • Zijn er belangrijke aandachtspunten die we kunnen meenemen ter verbetering ?   Want kwaliteitsverbetering stopt niet bij meten – het begint er pas.
Het antwoord โ†’

Integratiebeleid

19/06/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De tvraag โ†’

De Vlaamse regering bevestigt de structurele regierol van lokale besturen in het integratiebeleid.

De ondersteuning wordt toegewezen aan het  Vlaams Agentschap Integratie en Inburgering (AgII) en  expertenorganisaties, in plaats van rechtstreeks aan de besturen.

Lokale besturen hebben nood aan een structurele verankering van mensen en financiรซle middelen om blijvend in te spelen op lokale uitdagingen.

  • Welke impact zal deze maatregel hebben op de stad Gent?
Het antwoord โ†’

Collega Baert,


 Over de standaarddienstverlening, wij interpreteren de nota in de opsomming van minister Crevits in de eerste plaats als een kader voor de samenwerking van Vlaams Agentschap Inburgering en Integratie met steden en gemeenten, die geen stedelijk agentschap hebben. Voor Gent ligt dit anders, gezien het Gents Agentschap Amal. In die zin verwacht ik op dit moment dat er weinig zal veranderen.

Waar wel van alles rond beweegt, is de bijkomende ondersteuning. Dit in de vorm van extra middelen voor oefenkansen Nederlands, de verlenging van het participatie en netwerktraject het nieuwe plan sociale cohesie. Vooral rond het plan sociale cohesie heerst er momenteel nog onduidelijkheid en vraagt o.a. VVSG vertrouwen in en voldoende middelen voor lokaal integratiebeleid.

Ik maak me grote zorgen het feit dat het budget voor het plan sociale cohesie wordt teruggeschroefd, en kennen we de inhoudelijke hoofdlijnen, op een concrete uitwerking blijft het wachten. Het voornemen om de meeste middelen via het Vlaams Agentschap en middenveldorganisaties te verdelen, strookt niet met het subsidiariteitsprincipe en bedreigt de bevestigde regierol van de lokale besturen. Nochtans zijn het de lokale besturen, die de voorbije jaren het Plan Samenleven lokaal vorm hebben gegeven รฉn in belangrijke mate mee hebben gefinancierd.  Ik hoop dan ook dat de middelen ook in de toekomst rechtstreeks naar de stad en naar Amal blijven vloeien.

We hebben de expertise en weten zelf het best welke methodieken en partners het meest geschikt zijn om op maat van de Gentse context oplossingen uit te werken die impact hebben op het terrein. Het gaat er over om beschikbare middelen โ€“ die al schaarser geworden zijn โ€“ op de meest effectieve manier in te zetten.  

Ik besluit, collega Baert, met wat je zelf aangaf: Lokale besturen hebben nood aan een structurele verankering van mensen en financiรซle middelen om blijvend in te spelen op lokale uitdagingen. En die zijn ook in onze stad groot.

Ik hoop dat ook de Vlaamse overheid er deze visie op nahoudt.


Voltijdse jaaropleiding technisch onderwijs

10/06/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Evita Willaert

De vraag โ†’

Er zijn in de Gentse regio (en bij uitbreiding in de nabijheid van goed en regelmatig openbaar vervoer) te weinig technische (nijverheid) voltijdse jaaropleidingen voor jongeren die (nog) een jaar zich willen bijscholen. Niet alle jongeren zien een bachelor- of graduaatsopleiding zitten. 

Er is in Gent bijvoorbeeld geen enkele voltijdse lasopleiding, hernieuwbare energietechnologie, elektro-, autotechniek opleiding bij Syntra in Gent. 

Er is wel een alternatief bij de collegaโ€™s van CVO en Kisp maar nooit in een traject van een dagopleiding waarbij ouders recht blijven hebben op een Groeipakket. 

  • Wordt er nagegaan bij de industrie, de ondernemingen  welke profielen er nodig zijn? 
  • Wordt het resultaat afgestemd/teruggekoppeld met het onderwijslandschap (CVO, Kisp, Hogent, Odissee, TSO scholen)? 
  • Wordt het delen van opleidingsateliers en locaties tussen de verschillende onderwijsinstanties aangemoedigd?
  • Wordt er onderzocht waar samenwerken mogelijk is? 
Het antwoord โ†’

Beste raadslid,

Bedankt voor uw vraag. Ik onderschrijf natuurlijk het belang van een goed aanbod aan opleidingen in onze stad, zodat jongeren een goeie studiekeuze kunnen maken die past bij hun talenten en interesses, waar die ook liggen. 

In uw vraag gaat u specifiek in op het aanbod aan technische opleidingen. Ten eerste wil ik graag onderstrepen dat er in Gent wel degelijk een ruim aanbod bestaat aan technische opleidingen in het secundair onderwijs: ook de opleidingen die u naar voor schuift (zoals bijvoorbeeld lassen, elektrotechnieken, autotechnieken, โ€ฆ) worden in de Gentse scholen ingericht. Dat zijn voltijdse opleidingen, gericht op leerlingen in het secundair. 

Uit uw vraagstelling leid ik af dat u voornamelijk wil ingaan op opleidingen voor volwassenen. Ik wil in eerste instantie graag meegeven dat ik het zeer belangrijk vind dat mensen zich ook na het afsluiten van het secundair onderwijs kunnen blijven bijscholen, en dat er leerwegen zijn voor mensen die geen diploma secundair behaald hebben. Daar hebben we het daarnet ook al over gehad toen het ging over inschrijvingsgeld in het volwassenenonderwijs. Blijvend investeren in leren is belangrijk voor persoonlijke ontwikkeling. Het geeft mensen ook meer kansen op de arbeidsmarkt. 

Uw vraag richt zich specifiek op technische dagopleidingen georganiseerd door Syntra. Syntra organiseert in Gent verschillende dagopleidingen op een aantal domeinen. Daar zitten ook een aantal technische opleidingen tussen. Heel concreet vraagt u naar afstemming tussen arbeidsmarkt en onderwijsinstellingen. Die afstemming is van belang om ervoor te zorgen dat het aanbod aan opleidingen tegemoet komt aan noden in het werkveld. 

Als Schepen van Onderwijs kan ik, behalve voor het stedelijke net, niet tussenkomen in het opleidingsaanbod dat de verschillende onderwijsinstellingen in onze stad organiseren. Het zijn de verschillende scholen, netten en koepels die beslissen over de opleidingen die zij programmeren. 

De stad neemt wรฉl verschillende initiatieven om ervoor te zorgen dat onderwijs en arbeidsmarkt elkaar beter vinden. Dat gebeurt gedeeld vanuit mijn bevoegdheid Onderwijs en vanuit de bevoegdheid Werk onder collega Van Braeckevelt. Die afstemming is belangrijk in functie van  aanbod, maar ook in functie van stages of andere vormen van werkplekleren. Ik verwijs ook graag naar het voorbije arbeidspact, onder bevoegdheid van schepen Van Braeckevelt. Daarbij werd ingezet op een drie sporen beleid. 1 van die sporen was de overgang van school naar werk. Binnen dat kader ging de stad samenwerkingen aan met een aantal sectoren, waaronder bvb de bouw en de horeca.

Binnen mijn bevoegdheid Onderwijs kan ik bijvoorbeeld verwijzen naar de werking van het Onderwijscentrum rond onderwijs en arbeidsmarkt: onder die noemer zitten bijvoorbeeld werkingen die studiekeuze ondersteunen door leerlingen te laten kennismaken met verschillende beroepen, stage-ondersteuning en ondersteuning van duaal leren. Daarnaast zijn er ook initiatieven die specifiek gericht zijn op afstemming tussen onderwijs en arbeidsmarkt: een goed voorbeeld daarvan zijn de  Lokale actienetwerken matchmakers, die scholen ondersteunen in hun samenwerking met het werkveld.

Een aantal zaken die ik kan meegeven. 

Op uw eerste twee vragen kan ik antwoorden: ja. Er is afstemming met de verschillende sectoren over de noden die zij hebben, en dat resultaat wordt gedeeld met de verschillende onderwijsspelers. 

Afstemming tussen onderwijs- en arbeidsmarktpartners gebeurt bijvoorbeeld binnen de netwerkgroep โ€œLevenslang Lerenโ€. In die netwerkgroep zetelen de instellingen hoger onderwijs, de Centra voor Volwassenenonderwijs, Amal, Leerwinkel De Stap, de Dienst Activering en Werk, het Onderwijscentrum, de VDAB en Syntra. Binnen deze netwerkgroep kan dus uitgewisseld worden tussen onderwijs- en arbeidsmarktpartners: daar werden bijvoorbeeld door de VDAB en Agoria, de sectorale werkgeversorganisatie voor technologiebedrijven, cijfers gepresenteerd rond arbeidsmarktprognoses, economische evoluties en groei- en krimpberoepen. De verschillende onderwijspartners hadden op die manier de nodige informatie om aan de slag te gaan met hun aanbod.  

Ook het partnerschap โ€œGent, Stad in Werkingโ€ brengt verschillende partners samen die bezig zijn met arbeidsmarkt: ook onderwijspartners zijn daarin betrokken. In de schoot van dat partnerschap is er bijvoorbeeld overleg tussen sectoren zoals North Sea Port of de bouwsector enerzijds en onderwijspartners anderzijds. Binnen dit kader werd onder andere een analyse gemaakt van de bestaande samenwerking tussen onderwijs en arbeidsmarkt: wat gebeurt er al, wat kan beter, โ€ฆ Naar aanleiding hiervan zal er een actiegroep van start gaan die zich specifiek zal richten op de afstemming tussen onderwijs en arbeidsmarkt. 

Er is natuurlijk ook overleg tussen de stadsdiensten: het Onderwijscentrum is in overleg met de Dienst activering en Werk. Signalen rond noden van de arbeidsmarkt worden daar ook doorgegeven. 

Wat betreft uw derde vraag โ€“ rond samenwerking tussen verschillende instellingen: dat gebeurt ook wel degelijk. Ik kan in de eerste plaats antwoorden voor het Stedelijk Onderwijs: het CVO deelt bijvoorbeeld lokalen met โ€œreguliereโ€ scholen.

Vanuit flankerend onderwijsbeleid wordt dit ook aangemoedigd, bijvoorbeeld binnen de Matchmakers actienetwerken van het Onderwijscentrum. Daarbij worden scholen en bedrijven samengebracht rond specifieke opleidingsdomeinen, met het oog op het versterken van samenwerking. Dat kan verschillende vormen aannemen, waarvan het delen van opleidingsinfrastructuur er รฉรฉn is. Zoals u hoort, collega Baert, gebeurt er dus heel wat om een goede afstemming tussen onderwijs en arbeidsmarkt te faciliteren en er zo voor te zorgen dat scholen en het werkveld elkaar goed vinden.


Signalisatie beperkte toegankelijkheid parking Zuid

27/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Joris Vandenbroucke

De vraag โ†’

Toen ik enige maanden geleden naar een voorstelling in de Minardschouwburg ging en ik met de auto geparkeerd stond op -4 in de ondergrondse parking aan de Zuid, botste ik op volgend probleem:

Ik geraakte niet veilig uit de parking met de rolstoel. In deze parking zijn nochtans in totaal vier liften. Dat lijkt genoeg maar een van de liften is reeds lange tijd defect. De tweede komt uit in het Urbiscomplex maar deze kan slechts tot 20u gebruikt worden op weekdagen en zaterdag. De derde lift komt uit voor het stadskantoor maar deze kan enkel gebruikt worden door wie op -1 of -2 staat. De vierde lift komt ook uit aan het stadskantoor (kant Franklin Rooseveltlaan), maar gaat ook enkel tot -1 en -2 en kan enkel door het personeel van het Stadskantoor gebruikt worden.

De parkeerwachter was weliswaar erg vriendelijk. Hij hield eigenhandig alle wagens langs de ingang aan de Rooseveltlaan tegen zodat ik naar boven kon langs de ingang voor autoโ€™s. Deze situatie was noch veilig voor de parkeerwachter, noch voor mezelf en bovendien was het niet zo eenvoudig om de parkeerwachter te bereiken als je geparkeerd staat op -4. 

  • Kan de schepen in dialoog gaan met Interparking zodat er, in afwachting van een structurele oplossing, duidelijke signalisatie kan komen dat -3 en -4 niet toegankelijk zijn voor personen met beperkte mobiliteit buiten de openingsuren van het Urbiscomplex?
Het antwoord โ†’

Interparking is verantwoordelijk voor de exploitatie van deze parking. Zij zullen maatregelen treffen om steeds beschikbare liften te voorzien. We hebben inmiddels ook gevraagd om extra signalisatie te plaatsen. 


schaakspel te leen in het Van Eyckzwembad

27/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De vraag โ†’

Met zijn rijke geschiedenis is schaken niet alleen รฉรฉn van de oudste, maar ook het populairste spel aller tijden. Zelfs vandaag blijft het wereldwijd het meest gespeelde bordspel. Het is dan ook een waardevol cultureel erfgoed dat nog steeds fascineert.

Tijdens de Erfgoeddag kon je in Gent op verschillende plaatsen eens proeven van het schaakspel.

In het Coyendanspark staan een aantal permanente schaaktafels doch de schaakstukken zijn niet aanwezig.

  • Kan de schepen overwegen om in het nabijgelegen Van Eyckzwembad een schaakspel ter beschikking te stellen, dat kan ontleend worden (op vertoon van de ID-kaart) door bezoekers van het Coyendanspark, die willen schaken maar zelf geen schaakspel mee hebben ?
Het antwoord โ†’

Bedankt voor je fijne idee.

Het sluit aan bij het projectdossier van de Gentse startup Cubby, dat in samenwerking met oa sportdienst, Artevelde Hogeschool en sportaround, in opmaak is voor indiening bij en subsidiรซring door Vlaanderen circulair.

Bij goedkeuring zullen aantal proefopstellingen van hun modulaire lockersysteem UrbanCubby op een aantal sportvelden en parken een jaar worden uitgetest. Je kan dan in de lockers sportmateriaal ontlenen (een basketbal, een frisbee en dus ook een schaakspel).

We willen bij voorkeur deze piste uitrollen aangezien het toewijzen aan de exploitatie van het zwembad ons administratief, maar vooral ook naar openingsuren en bezetting kassa, minder aangewezen dan de piste van Urban Cubby.


Bevriezing federale subsidies OCMW

26/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Astrid De Bruycker

De vraag โ†’

Afgelopen maand vond tijdens de WWOPP een presentatie plaats over ons Gentse armoedebeleid. Toevallig verscheen er diezelfde dag het nieuws dat minister Van Bossuyt 35 miljoen euro aan subsidies voor de OCMWโ€™s bevriest. De subsidies werden gebruikt om het tekort aan middelen voor een menswaardig bestaan voor OCMW-cliรซnten op te vangen. De berekening van de tekorten verloopt via de REMI-tool, een instrument ontwikkeld aan de Thomas Moore Hogeschool om te berekenen hoeveel middelen mensen nodig hebben om rond te komen. Vaker wel dan niet gaf dat hulpmiddel vervolgens aan dat OCMW-cliรซnten onvoldoende geld kregen. Tegelijk staat het OCMW voor een bijkomende uitdaging: vanaf januari 2026 verliezen langdurig werklozen hun uitkering, waardoor de druk op het OCMW onvermijdelijk zal toenemen. De OCMWโ€™s zullen dus veel meer moeten doen met minder middelen.

Er zijn op de WWOPP een aantal vragen gesteld door raadsleden die net zoals ik ongerust zijn. De situatie was op dat moment nog zeer recent. Ik stel dan ook graag volgende opvolgvraag:

  • Ik vernam dat u hebt samengezeten met minister Van Bossuyt om de situatie verder op te volgen, kan u toelichten hoe dit gesprek verliep en wat de eerste resultaten van dit gesprek waren?
Het antwoord โ†’

Waterdoorlatende inrichting van parkings en toegankelijkheid

22/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Joris Vandenbroucke

De vraag โ†’

De parking van het Rozebroekenzwembad wordt gekenmerkt door grasdallen (zie afbeelding 1 in bijlage). Dit zorgt voor een waterdoorlatende ondergrond maar voor rolstoelgebruikers is het zeer uitdagend om hierover te rijden. Ook voor mensen die wat moeilijker stappen, al dan niet met behulp van een rollator of krukken, is dit geen evidentie. Er zijn nochtans alternatieven zodat zowel de doorlaatbaarheid als de toegankelijkheid gewaarborgd blijven bv. de waterdoorlatende klinkers aan de parking van de Mediamarket in Oostakker

  • Kunnen de parkeerplekken voor personen met een beperking aan de Rozenbroeken heraangelegd worden zodat de berijdbaarheid gewaarborgd blijft?
  • Kan er in de toekomst, bij de (her)aanleg van parkeerplaatsen, gebruik gemaakt worden van waterdoorlatende klinkers in plaats van grasdallen?
Het antwoord โ†’

De parking van zwembad Rozenbroeken wordt beheerd door Lago. We stuurden bovenstaande vraag naar hen door maar kregen nog geen antwoord.  

Bij nieuwe ontwerpen voor (her)aanleg van parkeerplaatsen in de publieke ruimte kiest de Stad Gent steeds voor maximale toegankelijkheid voor minder mobiele personen. In een parking zoals deze van zwembad Rozenbroek โ€“ mocht die door de Stad beheerd worden – zou de Stad, naast parkeerplaatsen in grasdallen, minstens een aantal parkeerplaatsen in bijvoorbeeld betonstraatstenen voorzien, voorbehouden voor minder mobiele personen.  


Toegankelijkheid parking Zuid via het Stadskantoor

20/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Hafsa El-Bazioui

De vraag โ†’

Toen ik enige maanden geleden naar een voorstelling in de Minardschouwburg ging en ik met de auto geparkeerd stond op -4 in de ondergrondse parking aan de Zuid, botste ik op volgend probleem:

Ik geraakte niet veilig uit de parking met de rolstoel. In deze parking zijn nochtans in totaal vier liften. Dat lijkt genoeg maar een van de liften is reeds lange tijd defect. De tweede komt uit in het Urbiscomplex maar deze kan slechts tot 20u gebruikt worden op weekdagen en zaterdag. De derde lift komt uit voor het stadskantoor maar deze kan enkel gebruikt worden door wie op -1 of -2 staat. De vierde lift komt ook uit aan het stadskantoor (kant Franklin Rooseveltlaan), gaat ook tot -1 en -2 maar kan enkel door het personeel van het Stadskantoor gebruikt worden.

De parkeerwachter was weliswaar erg vriendelijk. Hij hield eigenhandig alle wagens langs de ingang aan de Rooseveltlaan tegen zodat ik naar boven kon langs de ingang voor autoโ€™s. Deze situatie was noch veilig voor de parkeerwachter, noch voor mezelf en bovendien was het niet zo eenvoudig om de parkeerwachter te bereiken als je geparkeerd staat op -4. Buiten de openingsuren van het shoppingcenter, is de lift aan het stadskantoor dus nog de enige toegang tot de parking voor minder mobiele mensen en dit enkel op -1 en -2. Dat kan een probleem zijn als ook die stuk is en wanneer het shoppingscenter zal sluiten voor verbouwingen, zal er veel druk komen te staan op deze ene lift.

  • Zou het een optie kunnen zijn om de personeelslift van het stadskantoor (kant Rooseveltlaan) aan te passen, zodat deze ook gebruikt kan worden door bezoekers van de parking? Zo is er een back-up mocht de andere lift aan het stadskantoor defect zijn en zal de druk er gemilderd worden wanneer het shoppingscenter sluit.
Het antwoord โ†’

Bedankt voor uw vraag en voor het signaleren van de problematische situatie waarmee u geconfronteerd werd in de ondergrondse parking aan de Zuid. 

De ondergrondse parkeergarage aan de Zuid is in beheer van Interparking. 

Uw voorstel om de personeelslift aan de kant van de Franklin Rooseveltlaan opnieuw publiek toegankelijk te maken voor de niveaus -1 en -2 is begrijpelijk en wordt intern bekeken. We willen er wel op wijzen dat dit een zeker veiligheidsrisico inhoudt: er kunnen namelijk mensen die er niet thuishoren ‘meeliften’ naar de kantoren. Net om die reden werden de personeelsliften afgesloten voor publiek gebruik, zodra de lift aan het voorplein opnieuw voldoende bedrijfszeker bleek. De lift op het voorplein is in principe 24/7 beschikbaar; en Interparking heeft ook de gegevens om de liftmaatschappij op te bellen bij pannes.  

Tegelijk engageren wij ons om in overleg te treden met Interparking om deze problematiek structureel aan te kaarten, met het oog op duurzame oplossingen voor de bereikbaarheid en veiligheid van mindermobiele bezoekers. 

In dat kader werd ook recent beslist om de lift aan de kant van Urbis die toegang geeft tot -3 en -4, toegankelijk te maken. De noodzakelijke herstellingen zijn inmiddels besteld zodat mindermobiele bezoekers zeker niet de helling voor autoverkeer moeten gebruiken. 

We houden u graag op de hoogte van verdere stappen die hieruit voortvloeien. 


Terrein tussen Rerum Novarumplein

16/05/2025 – Schriftelijkee vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De vraag โ†’

Met โ€˜Nieuw Gent Vernieuwtโ€™ bouwen we aan een betere buurt waar het aangenaam is om te wonen en te leven. 

Onlangs bracht ik een bezoek aan het gebied rond het Rerum Novarumplein. 

Een deel van Nieuw Gent is รฉรฉn groot werf. Er werden diepe putten gegraven, maar deze zijn niet afgebakend en zorgen voor gevaarlijke situaties. Zeker โ€™s nachts want de paden zijn niet verlicht waardoor de putten nog een groter gevaar vormen. In de buurt wonen heel wat kinderen en ouderen. 

De matten die voor sommige greppels gebruikt worden, zijn te flexibel, waardoor je er doorzakt als je er met een rolstoel/scooter over rijdt. (zie foto) 

Enkele ingangen van de appartementen zijn slordig afgewerkt, er blijft een aanzienlijk hoogteverschil waardoor het moeilijk wordt de woningen te betreden.  

  • Kan er bekeken worden of er voor een veiligere omgeving kan gezorgd worden tijdens de werken ?
  • Wie controleert de aannemer of hij dat ook daadwerkelijk doet ?
  • Worden de hellende vlakken aan de appartementen verder afgewerkt ? Tegen welke termijn ? 
  • Worden de hellende vlakken state of the art afgewerkt ? 
Het antwoord โ†’

De zone waarnaar verwezen wordt, maakt momenteel deel uit van een afgesloten werfzone voor de heraanleg van het wijkpark Nieuw Gent. Hier is in principe geen toegang mogelijk door bewoners of gebruikers van het park, enkel voor personen die de bevoegdheid hebben om de werf te betreden. De afgedekte sleuven liggen binnen de werfzone en dienen enkel ter beveiliging van de werknemers binnen de werfzone. 

Tijdelijke aansluitingen van paden buiten de werfzone worden steeds voorzien in minder-hinder steenslag die circulatie mogelijk maakt.

Het opvolgen van de werfafsluiting en de werfcirculatie gebeurt wekelijks door de leidend ambtenaar van de Groendienst.

De hellende vlakken zijn een tijdelijke aanleg, uitgevoerd door Thuispunt Gent na afwerking van hun gebouw. Deze zullen samen met het parkpad definitief aangelegd worden door de aannemer die de herinrichting van het wijkpark uitvoert. Volgens de huidige werfplanning is dit voorzien tegen het bouwverlof (midden juli 2025). De definitieve hellingen zullen minder steil uitgevoerd worden, het nieuwe parkpad zal immers hoger liggen dan het huidige pad.  De aansluiting van de nieuwe hellingen zal op โ€“2 cm van de vloerpas uitgevoerd worden wat beantwoordt aan de state of the art.


Foutparkeren op plekken die voorzien zijn voor personen met een beperking

15/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Mathias De Clercq

De vraag โ†’

Voor mensen met een beperking is het zeker niet altijd gemakkelijk zich te verplaatsen in een drukke stad met drempels, hobbels en putten. Om de bereikbaarheid te vergroten worden er parkeerplekken voor personen met een beperking voorzien in het centrum en nabij van verschillende diensten en gebouwen. In sommige gevallen, worden er ook plekken voor woningen voorbehouden. Het gebeurt echter regelmatig dat parkeerplekken voor personen met een beperking worden ingenomen door mensen zonder parkeerkaart. De plekken zijn nochtans te herkennen aan de hand van verkeersbord E9 met het ITS (internationaal toegankelijkheidssymbool), eventueel aangevuld met het ITS aangebracht op het grondoppervlak.

  • Hoeveel boetes zijn er uitgeschreven voor het foutparkeren op plekken die voorzien zijn voor personen met een beperking (graag een overzicht per maand van de afgelopen 3 jaar)? Gebeurt dit vaak op dezelfde plekken?
  • Kan er op plekken waar er frequent foutgeparkeerd wordt extra aanduiding komen dat die plek gereserveerd is voor personen met een beperking? Bijvoorbeeld door het aanbrengen van het ITS op, of het blauw schilderen van, het parkeeroppervlak?
Het antwoord โ†’

Geachte mevrouw Baert

Onderstaand vindt u het overzicht van de door de politiezone Gent vastgestelde parkeerinbreuken.

Jaar2022
FeitFeit – Code (QLF)JanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDecTotaal
Categorie 182181000002000003
Categorie 28472014422193046550
Categorie 3L8305042414637361351735524640577
Categorie 4L81922233270166337
Totaal5345475342401632036625848667
Jaar2023
FeitFeit – Code (QLF)JanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDecTotaal
Categorie 182180001000000001
Categorie 284724459124232753280
Categorie 3L8304632623362581103243585734627
Categorie 4L819260453385125457
Totaal5242674779651364255756540765
Jaar2024
FeitFeit – Code (QLF)JanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDecTotaal
Categorie 182181002001000004
Categorie 2847271122107215050878
Categorie 3L8305475402942401162827305038569
Categorie 4L81932122051422529
Totaal6588433554471433431375251680
Jaar2025*
FeitFeit – Code (QLF)JanFebMrtAprMeiJunJulAugSepOktNovDecTotaal
Categorie 182180002000000002
Categorie 2847276641000000024
Categorie 3L83057433558110000000204
Categorie 4L81933520000000013
Totaal67524666120000000243

Omschrijving inbreuken:

* categorie 1: Art. 27bis. De parkeerplaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3ยฐ c) zijn voorbehouden voor voertuigen die gebruikt worden door de personen met een handicap die houder zijn van de speciale kaart bedoeld in artikel 27.4.3. of van het door artikel 27.4.1. hiermee gelijkgestelde document. Die kaart of dit document moet aangebracht worden op de binnenkant van de voorruit of, indien er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het op die plaatsen geparkeerde voertuig.

* categorie 2: De overtreding op de hierna vermelde bepalingen wordt beschouwd als overtreding van 2de graad krachtens artikel 2.a).21ยฐ van KB 30-09-2005 :Art.  25.1.14ยฐ.   Het is verboden een voertuig te parkeren op de parkeerplaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3ยฐ.c) behalve voor de voertuigen gebruikt door personen met een handicap die in het bezit zijn van een speciale kaart zoals bedoeld in artikel 27.4.1 of 27.4.3.

* categorie 3: Het is verboden een voertuig te parkeren op de parkeerplaatsen gesignaleerd zoals voorzien in artikel 70.2.1.3ยฐc van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg behalve voor de voertuigen gebruikt door personen met een handicap die in het bezit zijn van een speciale kaart zoals bedoeld in artikel 27.4.1 of 27.4.3 van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg.

* categorie 4: Het niet hebben aangebracht van de speciale kaart, bedoeld in artikel 27.4.3 van het KB van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg of het door artikel 27.4.1 van hetzelfde besluit hiermee gelijkgesteld document, op de binnenkant van de voorruit of als er geen voorruit is, op het voorste gedeelte van het op een voorbehouden parkeerplaats voor persoon met een handicap geparkeerde voertuig.

Vanaf 2024 controleren ook GAS ambtenaren van het Mobiliteitsbedrijf op parkeerplaatsen voor personen met een handicap. Tot dan gebeurde deze controle enkel door de politie.Sinds 01/01/2024 werden 664 GAS boetes door de GAS-ambtenaren van het Mobiliteitsbedrijf uitgeschreven. 

Op 9 locaties zijn meer dan 10 GAS boetes uitgeschreven, het foutparkeren is frequenter in de volgende straten:

Het Mobiliteitsbedrijf stelt dat extra signalisatie geen invloed zal hebben op het (bewust) foutparkeren. Mensen die bewust foutparkeren zullen dat blijven doen. Daarnaast is de impact van extra signalisatie vaak beperkt. Er wordt ingezet op gerichter controleren op de gekende foutparkeerplaatsen.


Nieuwe basketbalringen

13/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De vraag โ†’

De laatste weken en nog steeds kunnen we genieten van een heerlijk lenteweertje. 

Er wordt door vele jongeren gelukkig nog buiten gespeeld. 

In verschillende Gentse parken werden nieuwe basketbalringen gehangen. Echter hangen deze volgens de regels van het basketbal te laag.

  • Kunnen de vorige ringen terug gehangen worden? 
Het antwoord โ†’

Er zijn heel wat basketbalterreintjes in Gent. Sommigen worden beheerd door de Sportdienst, andere door de Groendienst. Op sommige terreinen hangen de basketringen op de officiรซle hoogtes, andere basketbalterreinen zijn eerder recreatief van aard of worden gecombineerd met een voetbalpleintje. Op die terreinen hangen de ringen soms op een lagere hoogte om ook kleinere kinderen toe te laten mee te kunnen spelen. De Sportdienst heeft in 2024 de ringen vernieuwd op volgende locaties: Gebroeders De Smetstraat (Rabot) en Europalaan (Watersportbaan-Ekkergem). De Groendienst heeft recent de ringen aan het Rabot (JOC Minus One) vernieuwd. Deze hangen op de officiรซle hoogte.


Zwemmen in de Blaarmeersen voor personen met een handicap

13/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De vraag โ†’

In de Blaarmeersen is er op het strand al een strook aangelegd om met je rolstoel tot net aan het water te geraken.

Echter kan je niet zelfstandig in het water gaan. Met Seatrac kunnen zwemmers met een handicap in de zee of in open water.

Het is een speciale stoel die op een rails langs de kustlijn beweegt, waardoor mensen met een handicap zelfstandig in zee kunnen.

  • Kent de schepen dergelijk systeem ?
  • Is de schepen bereid om dit systeem te voorzien in de Blaarmeersen ?
Het antwoord โ†’

Het Seatrac systeem is gekend. Immers, in de klankbordgroep rond Toegankelijkheid zit een frequent bezoeker van de strand- en zwemzone Blaarmeersen die rolstoelgebruiker is.

Dit maakt dat we ook via die weg heel wat relevante suggesties krijgen. Zowel rond onderhoudsnoden om de toegankelijkheid van bestaande infrastructuur te garanderen, als nieuwe voorstellen.  Immers, de afgelopen jaren werd wel reeds geรฏnvesteerd in 3 paden voor mindervaliden. Deze paden lopen niet tot diep in het water waardoor het voor sommigen nog steeds niet evident is om helemaal zelfstandig te gaan zwemmen, doch deze 3 paden lopen van het strand tot een stukje in het water waardoor we een groot percentage van de mindervaliden bereiken om gemakkelijker in het water te gaan.

Als Schepen van toegankelijkheid, zou ik uiteraard maximaal willen investeren in maximale toegankelijkheid.

Echter, ondanks alle ambities die ik als schepen heb, en bij uitbreiding het hele college, ben ik echter verplicht om te blijven verwijzen naar de zware budgettaire oefening die maakt dat het in deze fase niet verstandig is om gelijk wat te bekrachtigen of te voorspellen zonder concreet vastgelegd budget. Eens we een meerjarenbegroting hebben, kan ook de concrete planning voor de volgende jaren opgemaakt.

Afhankelijk daarvan, zullen we kunnen bekijken welke suggesties rond bijkomende toegankelijkheid in Blaarmeersen, en bij uitbreiding de noden in alle stedelijke infrastructuur, effectief kunnen gerealiseerd worden.


Woonvormen voor ouderen

09/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Filip Watteeuw

De vraag โ†’

Uit het antwoord op de vraag van collega De Smet bleek dat Gent tegen 2040 tot 6.000 extra woningen in de buitenwijken en deelgemeenten wil, vooral voor oudere inwoners. Zij wonen nu in grote woningen in verkavelingen, de stad wil ze stimuleren om te verhuizen naar compactere woningen in de buurt. Zo komen er gezinswoningen vrij en kunnen de grote percelen beter benut worden.

  • Welke rol ziet u voor alternatieve woonvormen zoals cohousing, kangoeroewonen of mantelzorgwoningen in het oplossen van de woonnood in Gent? Is er binnen het Gentse woonbeleid ruimte voorzien voor het experimenteren met collectieve of intergenerationele woonprojecten, specifiek voor ouderen die in hun buurt willen blijven wonen?
  • Zal de verhuisbeweging begeleid worden? Hoe denkt u ouderen te motiveren om hun woning te verlaten als slechts 15% nu bereid is tot een verhuis? Worden ouderen actief betrokken in dat beleid? Wordt er overwogen om ouderen die verhuizen binnen hun buurt naar een kleinere woning te ondersteunen? Zo ja, hoe? 
  • Ziet u mogelijkheden om in de nieuwe woonontwikkeling ook zorgcomponenten te integreren, zoals assistentiewoningen, buurtzorgcentra of gemeenschappelijke zorgdiensten? Hoe wordt er toegezien dat de appartementen kwalitatief aangepast zullen zijn?
  • Hoe gaat de stad Gent in op de vraag naar kleinschalige, warme en geรฏntegreerde woon-zorgvormen zoals die o.a. door de Vlaamse Ouderenraad naar voren worden geschoven?
Het antwoord โ†’

Label Toegankelijk Gebouw voor Gentse stadsgebouwen

08/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Hafsa El-Bazioui

De vraag โ†’

Het label Toegankelijk Gebouw is een kwaliteitslabel van de Inter, het expertisecentrum voor toegankelijkheid van de Vlaamse overheid. Als je het hebt, weten je bezoekers en medewerkers meteen hoe toegankelijk het gebouw is. Je kunt het label behalen voor gebouwen zoals een kantoorgebouw, administratief centrum, gemeentehuis of de gemeenschappelijke delen bij grote gebouwencomplexen of handelszaken. Het label is 5 jaar geldig. Ook zonder bouwplannen is het label de moeite. Bij een bestaand gebouw krijg je advies over wat er nodig is om het label te halen. Er zijn drie verschillende niveaus van toegankelijkheid: A++, A+ en A. Om het label te behalen, kan je je volledig laten begeleiden. In het bestuursakkoord staat dat we streven naar het integraal toegankelijk maken van minstens 100 stadsgebouwen. Advies van het expertisecentrum in het kader van het behalen van bovengenoemde labels, zou hier een interessante tool voor kunnen zijn.

  1. Heeft de Stad al een aanvraag gedaan om een label te krijgen voor bepaalde gebouwen? Zo ja, waarom heeft nog geen enkel Gents stadsgebouw momenteel een A of A+ label?
  2. Wat zijn de grootste drempels die u ziet?
  3. Zal er gebruik gemaakt worden van het Toegankelijk Gebouw label bij het integraal toegankelijk maken van de stadsgebouwen? Indien wel, wat is de ambitie van de stad Gent voor het aantal gebouwen met een Toegankelijk Gebouw-label tegen 2030? 
Het antwoord โ†’

Evacuaties uit Gentse stadsgebouwen voor personen met een beperking

08/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Hafsa El-Bazioui

De vraag โ†’

In tegenstelling tot de Angelsaksische voorschriften, biedt de Belgische wetgeving betreffende brandveiligheid maar weinig praktische richtlijnen voor het evacueren van personen met beperkingen. Er ontbreekt bijvoorbeeld een duidelijke specificatie voor het implementeren van effectieve signalisatie voor mensen met beperkte mobiliteit. Toch is het mogelijk om te voorzien in de behoeften van personen met beperkingen in overeenstemming met de unieke omstandigheden van elk gebouw.

Voor mensen die (tijdelijk) minder mobiel zijn en moeilijk de trap kunnen gebruiken zijn, kunnen er in een gebouw locaties voorzien worden waar je als minder mobiele persoon tijdens een evacuatie kunt wachten op hulp.

Voor personen die slechthorende zijn, kan het brandalarm duidelijk gemaakt worden door middel van lichtsignalen of zwaailichten.

  • Worden er in de stadsgebouwen evacuatieoefeningen georganiseerd waarbij ook de evacuatie van mensen met beperkingen getest wordt?
  • Welke stappen worden ondernomen bij het uitwerken van evacuatieplannen voor personen met een beperking uit stadsgebouwen? Kan hierbij meer aandacht geschonken worden aan signalisatie? Ziet u hier andere opties voor verbeteringen?
  • Zijn er plannen om bestaande stadsgebouwen aan te passen zodat ze beter beantwoorden aan noodsituaties voor mensen met beperkingen?
Het antwoord โ†’

Waterkraantjes aan speel- en sportveldjes

07/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De vraag โ†’

De zomer staat voor de deur en we hebben al enkele warme dagen achter de rug. Op zulke warme dagen trekken heel wat Gentenaars waaronder kinderen en jongeren naar parken om onder andere gebruik te maken van de sportveldjes en speeltuigen.

Tijdens het sporten en spelen is het natuurlijk erg belangrijk om voldoende water te drinken. Op sommige locaties, zoals de Rozenbroeken en de Watersportbaan, zijn er drinkwaterkraantjes voorzien door Farys. Ik krijg echter signalen dat deze niet overal werken, bijvoorbeeld deze aan de Rozebroeken. Op andere plekken kan je je waterfles bijvullen in buurthuizen of open huizen. Daarvoor moet je echter het park of speelveld verlaten, wat niet altijd even praktisch is als je er een hele namiddag speelt en je amuseert.

  • Is de schepen bereid na te gaan of er extra drinkwaterkraantjes geplaatst kunnen worden, in het bijzonder in parken bij speel- en sportveldjes zodat water steeds beschikbaar en nabij is op warme dagen? Indien dit niet kan, kan er gekeken worden of er signalisatie geplaatst kan worden naar buurthuizen en open huizen in de buurt zodat men weet waar er water te halen is?
  • Kan er bij het plaatsen van deze drinkkraantjes rekening gehouden worden met toegankelijkheid zoals bij de drinkwaterpalen?
  • Kan er bekeken worden of het waterkraantje in de Rozebroeken hersteld of gereactiveerd kan worden?
Het antwoord โ†’

Er zijn reeds al heel wat drinkwaterkraantjes in parken en bij speel- en sportveldjes. 

Voor installatie en onderhoud zijn verschillende stadsdiensten betrokken, o.a. Groendienst, Sportdienst, Dienst Milieu en Klimaat.

Ook vanuit departement FM (bevoegdheid Schepen El-Bazioui) worden bijkomende waterpunten bv. aan stadskantoor voorzien zoals ook in de pers werd gecommuniceerd.

Via de website van de Stad Gent informeren we reeds waar onder andere drinkwaterplekken te vinden zijn, maar ook schaduwplekken en afkoelplekken

Drinkwater- en afkoelplekken in Gent | Stad Gent

Voor wat betreft sportinfrastructuur kan ik u meegeven dat Farys in en aan onze sporthallen, zwembaden en buitenterreinen de voorbije jaren investeringen werden gedaan om ook daar drinkwaterpunten (kraantjes of fonteintjes) te voorzien. 

We lijsten ze even voor u op:

Victor Braekmanlaan 180Sint-AmandsbergPark Rozebroeken7/7 – 24/24
WatersportlaanGent 7/7 – 24/24
ZuiderlaanGent 7/7 – 24/24
ZuiderlaanGentSkatepark7/7 – 24/24
Campinglaan 13GentTennishalvolgens openingsuren accommodatie
Strandlaan 24GentSanitair 1 bij strandgebouw7/7 – 24/24
Strandlaan 24GentSanitair 2 bij strandgebouw7/7 – 24/24
Driepikkelstraat 30MariakerkeSporthal Bourgoyenvolgens openingsuren accommodatie
Driebeekstraat 22GentbruggeSporthal Driebeekvolgens openingsuren accommodatie
Veermanplein 1GentZwembad Van Eyckvolgens openingsuren accommodatie
Galvestonstraat 37GentKleedkamers 1volgens openingsuren accommodatie
Galvestonstraat 37GentKleedkamers 2volgens openingsuren accommodatie
Boer Jansensstraat 19GentbruggeScoorderstorenvolgens openingsuren accommodatie
Ter Linden 29ZwijnaardeSporthal Hekersvolgens openingsuren accommodatie
Hogeweg 135Sint-AmandsbergSanitair damesvolgens openingsuren accommodatie
Keiskantstraat 3DrongenSporthal Keiskantvolgens openingsuren accommodatie
Bellevue 30LedebergBuurtsporthal Ledebergvolgens openingsuren accommodatie
Kompaslein 2GentBuurtsporthal Melopeevolgens openingsuren accommodatie
Botestraat 98WondelgemSporthal Neptunusvolgens openingsuren accommodatie
Peerstraat 1GentZwembad Rooigemvolgens openingsuren accommodatie
Stropstraat 31GentZwembad Stropvolgens openingsuren accommodatie
Tolhuislaan 77GentSportarena Tolhuisvolgens openingsuren accommodatie
Tondelierlaan 6GentBuurtsporthal Tondeliervolgens openingsuren accommodatie
Wolfputstraat 92OostakkerSporthal Wolfputvolgens openingsuren accommodatie 

Bij het aanbrengen van drinkwatertappunten wordt steeds rekening gehouden met de randvoorwaarden van de aanwezigheid van een aan-en afvoer. Er zijn een aantal drinkwatertappunten (bv in Blaarmeersen) die aan de buitenzijde van het gebouw zijn geรฏnstalleerd en dus 24/24 bereikbaar. Aangezien de watertapkraantjes ook bedoeld zijn voor de sporters die in de accommodatie het beste van zichzelf geven, we rekeninng moeten houden met de kostprijs van installatie en onderhoud, toegankelijkheid, vorstbestendig als vandalisme-gevoeligheid, zijn heel wat watertappunten binnen geรฏnstalleerd. Niet 24/24 bereikbaar, maar wel binnen de ruime openingsuren van de sporthal.

Wat betreft uw specifieke vraag rond toegankelijkheid: Alle drinkwaterfonteintjes werden op eenzelfde hoogte geplaatst. De bedieningsknop situeert zich op een hoogte van 1,2m de vloer is en dus ook toegankelijk voor rolstoelgebruikers .  

Wat betreft het specifieke waterpunt in het park Rozebroeken. Daar is inderdaad een drinkwaterkraantje aanwezig zodat een drinkfles gevuld kan worden. Dit is helaas een voorbeeld van een tappunt dat heel regelmatig wordt gevandaliseerd en het nodige telkens wordt gedaan om te herstellen. In principe zou het waterkraantje in de Rozebroeken terug actief moeten zijn.

Uiteraard zou de installatie van meer waterkraantjes een plus zijn bij sport- en spelinfrastructuur in onze Stad. Zoals u echter weet, staan we budgettair voor een zware oefening die maakt dat het  in deze fase niet verstandig is om gelijk wat te bekrachtigen of te voorspellen zonder concreet vastgelegd budget. Eens we een meerjarenbegroting hebben, kan ook de concrete planning voor de volgende jaren opgemaakt.


Opleiding hulpdiensten in onze stad over de evacuatie van mensen met een beperking in noodsituaties

06/05/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Mathias De Clercq

De vraag โ†’

In tegenstelling tot de Angelsaksische voorschriften, biedt de Belgische wetgeving betreffende brandveiligheid maar weinig praktische richtlijnen voor het evacueren van personen met beperkingen. Er ontbreekt bijvoorbeeld een duidelijke specificatie voor het implementeren van effectieve signalisatie voor mensen met beperkte mobiliteit.

Het is namelijk ook belangrijk om, naast toegankelijkheid, ook in te zetten op โ€œuitgankelijkheidโ€ in noodsituaties. De mogelijkheid bestaat om te voorzien in de behoeften van personen met beperkingen in overeenstemming met de unieke omstandigheden van elk gebouw. 

  • Zijn onze Gentse hulpdiensten specifiek opgeleid om mensen met een beperking te evacueren in noodsituaties?
Het antwoord โ†’

Geachte mevrouw Baert

Bij interventies is er steeds een goede samenwerking tussen de verschillende hulpdiensten, waarbij voor dergelijke specifieke noodsituaties beroep wordt gedaan op de brandweer. Ons brandweerpersoneel beschikt over verschillende technieken en materialen om personen te evacueren bij noodsituaties. De aanpak van de evacuatie hangt natuurlijk steeds af van de specifieke noodsituatie, hoeveel tijd er is maar natuurlijk ook de specificiteit van het slachtoffer.

Personen kunnen liggend geรซvacueerd worden met een draagberrie. Dit kan eventueel ook door het raam met behulp van de ladderwagen. Er is ook een evacuatiestoel om mensen zittend te evacueren. Indien nodig kan het RED-team met touwopstellingen personen ook evacueren vanop moeilijk toegankelijke plaatsen.

Er wordt vanuit de hulpdiensten al het mogelijke gedaan om de persoon in kwestie maar ook het benodigde materiaal te evacueren indien nodig. Zo geeft de brandweer mee dat ze in een welbepaald geval de persoon eerst zittend hebben geรซvacueerd en achteraf de heel gespecialiseerde geautomatiseerde rolstoel vanop het balkon door middel van een kraan op de materiaalwagen naar beneden hebben gehesen.

Uiteraard zijn onze mensen opgeleid om deze technieken correct toe te passen en de evacuatiematerialen correct en veilig te gebruiken.

Mathias De Clercq

Burgemeester


Rolstoeltoegankelijke studentenkoten op de kotenzoeker van de stad

06/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Filip Watteeuw

De vraag โ†’

Naarmate het aantal studenten in Gent blijft stijgen, groeit ook de nood aan voldoende, betaalbare รฉn toegankelijke studentenhuisvesting. Via de kotenzoeker van de stad kunnen studenten makkelijker opzoek gaan naar een kot. Zo kunnen studenten op de website onder andere filteren op het criterium โ€œrolstoeltoegankelijkโ€. Dat is een belangrijke stap richting inclusieve huisvesting. In de praktijk blijkt echter dat deze aanduiding niet altijd overeenkomt met wat zichtbaar is op de bijhorende foto’s. Graag had ik hier volgende vragen over gesteld:

  • Op basis van welke factoren kan een verhuurder stellen dat zijn kot rolstoeltoegankelijk is?
  • Vindt er een controle plaats van de koten die opgegeven worden als rolstoeltoegankelijk?
Het antwoord โ†’

1. Op basis van welke factoren kan een verhuurder stellen dat zijn kot rolstoeltoegankelijk is?

De definitie van rolstoeltoegankelijk werd (nog) niet gespecifieerd op de kotenzoeker. De betrokken diensten zijn volop bezig met het op punt zetten van de GOLLD principes en de criteria voor rolstoeltoegankelijkheid. Daarop volgt de vertaling ervan naar toegankelijke studentenhuisvesting (die moet voldoen aan andere regelgeving). Eens die oefening rond is, kunnen we in de kotenzoeker verduidelijken wat we met rolstoeltoegankelijke studentenhuisvesting bedoelen en hoe de verhuurder dit met de juiste fotoโ€™s kan tonen.

(Rolstoel-)toegankelijke studentenhuisvesting kadert in een ruimer traject rond studentenhuisvesting dat in principe eind 2026 afgerond wordt om de richtlijnen te implementeren in de tweede helft van deze legislatuur. Scope en ambitie(s) worden tegen eind dit jaar gedefinieerd gevolgd door een bevraging van alle stakeholders (HOI, studenten, projectontwikkelaars).

Op basis hiervan worden richtlijnen rond toegankelijkheid uitgewerkt voor de huidige en de aankomende bouwprojecten voor grootschalige studentenhuisvesting. Richtlijnen die eveneens geรฏmplementeerd worden in de tweede helft van de huidige legislatuur.

2. Vindt er een controle plaats van de koten die opgegeven worden als rolstoeltoegankelijk?

Koten die via de kotenzoeker geadverteerd worden, worden door Kotatgent niet ter plaatse gecontroleerd. De beschrijving van de koten wordt door de verhuurder opgemaakt.

Als er melding komt dat de beschrijving van een kot opgemaakt door de verhuurder niet klopt, wordt dit onmiddellijk gecontroleerd en desgevallend aangepast.

Kotatgent voert wel een administratieve controle uit op het beschikken over een geldig conformiteitsattest en de stedenbouwkundig vergunde toestand van het pand. Ook wordt de inhoud van de advertentie nagekeken op de correcte weergave van de kosten en de afwezigheid van discriminatie.


Inclusieve studentenhuisvestiging

06/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Christophe Peeters

De vraag โ†’

Gent is de grootste studentenstad van Vlaanderen en het aantal studenten blijft stijgen met ongeveer 2000 per jaar. De nood aan studentenwoningen volgt dan ook en verschillende grootschalige studentenhuisvestigingen schieten uit de grond. Zo worden binnenkort studentenkoten opgeleverd in de Dampoortstraat en binnen een paar jaar worden er meer dan 200 studentenkoten bijgebouwd aan de Dampoort. 

Toegankelijkheid is een van de hoekstenen van ons Gents bestuursakkoord, ook studentenhuisvestiging maakt hier een deel van uit: bij nieuwe studentenhomes streven we naar een voldoende groot aanbod betaalbare basiskamers en aangepaste kamers voor studenten met een handicap. 

In de praktijk is er nog veel ruimte voor groei. Op websites zoals deze van Upkot, lijkt er geen info te vinden voor studenten met een beperking, Universiteit Gent heeft twee gebouwen met toegankelijke studentenkamers.

Bovendien gaat inclusie verder dan het toegankelijk zijn van een gebouw, het gaat over mee opgenomen worden in de groep. Er moet dus niet enkel nagedacht worden over fysieke drempels maar ook sociale, iets wat mee te sturen is in het ontwerp van studentenwoningen. Daarom zou het mooi zijn mochten studentenkamers voor personen met een beperking verspreid worden, op elke verdieping รฉรฉn en niet samen geclusterd apart ver van de rest zodat inclusie ook op kot een realiteit wordt.

Ik stel dan ook volgende vragen over hoe we Gent als studentenstad en Gent als toegankelijke stad met elkaar verweven:

  • Wordt er in het algemeen rekening gehouden met toegankelijkheid bij het toekennen van stedenbouwkundige vergunningen voor studentenkoten?
  • Indien niet, zal dit in de toekomst een criterium worden waarmee rekening gehouden wordt? 
  • In welke mate en hoe wordt het inclusief inrichten van studentenkoten in een nieuwbouw aangemoedigd door de stad?
Het antwoord โ†’

HandyPark in Gent

06/05/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Joris Vandenbroucke

De vraag โ†’

In Kortrijk en in andere steden kunnen houders van een parkeerkaart vanaf maandag 5 mei de app HandyPark gebruiken, een gedigitaliseerde parkeerkaart voor mensen met een beperking. Via de app kunnen ze hun gratis parkeerrecht koppelen via de app aan een nummerplaat, zodat het niet langer nodig is om de fysieke kaart voor te leggen op betalende parkeerplaatsen.

  • Plant de Stad Gent, net als Kortrijk, de invoering van een digitale parkeerkaart via een app zoals HandyPark, zodat mensen met een beperking hun parkeerrechten eenvoudig kunnen koppelen aan hun nummerplaat zonder hun fysieke kaart te moeten tonen?
  • Gezien de oproep van minister Rob Beenders aan steden en gemeenten om zich aan te sluiten bij HandyPark, kan u toelichten of Gent hier vandaag al op heeft ingetekend of dit in de nabije toekomst zal doen?
Het antwoord โ†’

Beste Mevr. Baert, 

Tot op vandaag leggen mensen met een beperking in Gent een fysieke kaart achter de voorruit om recht te hebben op gratis parkeren in onze stad. Dat systeem van kaarten en de manuele handhaving op die kaarten is achterhaald en niet meer van deze tijd. Enerzijds zorgt deze voor praktische rompslomp bij de eigenaar van de kaart, die ze altijd fysiek moet bij hebben, ze kan verliezen of in elke stad moet uitzoeken of ze achter de ruit moet liggen โ€“zoals in Gent -, dan wel digitaal geregistreerd moet worden โ€“ zoals in Antwerpen, Genk of Oostende -…  Anderzijds verloopt de handhaving op het gebruik van deze fysieke kaart in Gent niet efficiรซnt omwille van de vele manuele handelingen die nodig zijn in een voorts volledig gedigitaliseerd proces. Tot slot is het gebruik van fysieke kaarten fraudegevoelig. Ze kunnen verlopen, ongeldig zijn of oneigenlijk gebruikt worden.  

De introductie van de nieuwe app Handy Park lost vele problemen in รฉรฉn keer op. Door het koppelen van de nummerplaat aan de app wordt het centraal handhavingssysteem van de stad Gent geรฏnformeerd over het gebruik van de specifieke wagen door een persoon met een beperking. Hierdoor zal de scanwagen die betalend parkeren handhaaft, deze wagen als dusdanig herkennen en niet overgaan tot het schrijven van een retributie. Onterechte retributies en bijhorende frustraties  worden hierdoor vermeden. Een manuele controle van de kaart door een parkeerwachter wordt overbodig. 

Ik ben absoluut verheugd te mogen aankondigen dat ook Gent in de loop van de  zomer zal opstarten met de registratie รฉn handhaving van de kaart via de Handy park app. Hierbij zal een overgangsperiode van een half jaar voorzien worden waarbij bestuurders met een kaart en zonder digitaal recht een flyer achter de ruitenwisser vinden. Dit zal personen met een beperking in staat stellen deze ook effectief te gebruiken in onze stad, net zoals in Antwerpen, Oostende, Genk, Brussel, Leuven en Luik. Op korte termijn zullen ook alle 19 Brusselse deelgemeenten, Mechelen en Brugge aansluiten.  

Stad Gent heeft er steeds voor gekozen geen eigen digitaal registratiesysteem in het leven te roepen, maar te streven naar een oplossing op Vlaams en liefst zelf Belgisch niveau. Voor de gebruiker is het niet te verantwoorden dat elke stad of gemeente zijn eigen registratiesysteem zou ontwikkelen en de hij of zij van systeem naar systeem zou moeten hoppen. Omwille van dit noodzakelijke gebruikersgemak heeft onze stad zich steeds als partners opgesteld binnen het project door  onze kennis te delen. Hiervoor werd nauw samengewerkt met heel veel partners, in het bijzonder stad Antwerpen, de VVSG en haar Franstalige tegenhanger, de Vlaamse overheid  en de Directie-generaal Personen met een handicap. 

 De digitalisering van de parkeerkaart voor personen met een handicap is รฉรฉn van de laatste schakels in het volledig digitaliseren van ons parkeren op straat en de handhaving hierop. En het is een stap waar ik behoorlijk trots op ben. Burgers zullen slechts รฉรฉn keer moeten registreren en in alle vrijheid nummerplaten โ€“uiteraard slechts 1 tegelijkertijd- kunnen koppelen in functie van hun verplaatsingen.   De ontwikkeling van dit platform maakt het leven van alle mensen met een beperking die zich verplaatsen in of tussen verschillende Vlaamse steden een stuk makkelijker. In ons streven naar en inclusieve samenleving is dit platform geen detail. De toegankelijkheid van onze stad voor iedereen die ervan wil genieten vergroot hiermee aanzienlijk.


Parkeerplekken voor personen met verminderde mobiliteit Belfortstraat

28/04/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Joris Vandenbroucke

De vraag โ†’

Momenteel bevinden er zich in de Belfortstraat, ter hoogte van het stadhuis, vier parkeerplaatsen voor personen met een beperking (PMB). De parkeerplaatsen zijn bereikbaar door de Belfortstraat in te rijden richting het stadhuis. Wie nadien opnieuw wil vertrekken, moet noodgedwongen een U-bocht maken aangezien men niet links af mag richting de Nederpolder en men anders door de knip rijdt. Het maken van een U-bocht zorgt echter voor een onveilige verkeerssituatie met fietsers en bussen die in beide richtingen van de Belfortstraat rijden.

Een mogelijke oplossing is om de parkeerplaatsen voor PMB te wisselen met de taxistandplaatsen aan de overkant. Op die manier zouden de parkeerplaatsen voor personen met verminderde mobiliteit bereikbaar zijn via de Nederpolder/ Hoogpoort en te verlaten via de Belfortstraat, zonder de tegenstroom te hinderen. Voor taxiโ€™s verandert er weinig, aangezien zij gebruik mogen maken van de knip aan het stadhuis.

  • Is de schepen bereid om na te gaan of de vier parkeerplaatsen voor personen met een beperking in de Belfortstraat gewisseld kunnen worden met de taxistandplaatsen aan de overzijde, om de bereikbaarheid te verbeteren?
Het antwoord โ†’

Ik vind het belangrijk dat het autovrij gebied ook voor wie minder mobiel is, goed bereikbaar is. Daarom hebben we aan de grenzen van het autovrij gebied voldoende plaatsen voor minder mobiele personen voorzien, waaronder de plaatsen in de Belfortstraat.  

U heeft gelijk, de inplanting van die parkeerplaatsen is niet optimaal. Met uw eenvoudig voorstel blijven die parkeerplaatsen even bereikbaar รฉn kunnen we inderdaad vermijden dat parkeerders een U-bocht moeten maken wanneer ze de parkeerplaats verlaten. Ik gaf dan ook de opdracht aan het Mobiliteitsbedrijf om de parkeerplaatsen voor minder mobiele personen te verwisselen met deze voor taxiโ€™s aan de overkant van de straat. Voor de taxiโ€™s maakt deze ingreep niets uit en voor personen met een beperking is het een verbetering. Dat is een stap vooruit voor de bereikbaarheid van de binnenstad. Dank voor uw voorstel!  


Toegankelijkheid bushaltes Dendermondsesteenweg

03/04/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Joris Vandenbroucke

De vraag โ†’

De Dendermondsesteenweg is een belangrijke invalsweg naar het Gentse stadscentrum. De busverbindingen die zich op de Dendermondsesteenweg bevinden, waarvan bus 11 de belangrijkste is, worden er door heel wat bewoners uit Sint-Amandsberg gebruikt. Er zijn op de Dendermondsesteenweg aan beide zijden van de rijbaan ter hoogte van het Heernisplein, het Banierpark en Nieuwhof in totaal 6 haltes.
Enkel de haltes aan het Banierpark hebben een verhoogd perron (in beide rijrichtingen) maar een minder mobiel persoon blijft afhankelijk van de buschauffeur om toegang te krijgen tot de bus. Volgens Google maps is geen enkele van de 6 haltes (noch in de ene noch in de andere rijrichting) rolstoeltoegankelijk.

Kortom, op een korte afstand van elkaar liggen maar liefst 6 bushaltes langs de Dendermondsesteenweg tussen Dampoort en het Heernisplein, maar de toegankelijkheid laat te wensen over.

  • Wat is precies de toegankelijkheidsstatus van de 6 voornoemde haltes?   
  • Zijn er plannen om de bushaltes integraal toegankelijk te maken? Zo ja, welke en wanneer precies?
Het antwoord โ†’

Beste collega Baert, 

Zoals u terecht aanhaalt, voldoet op vandaag geen enkele van de aangehaalde haltes aan onze toegankelijkheidsnormen. Maar er is beterschap op komst.  

Slechts twee weken geleden, op 3 april, keurde het College op mijn initiatief de aanleg van een integraal toegankelijke bushalte ter hoogte van het Banierpark aan de Dendermondsesteenweg goed. Dit gaat over de bushalte in de richting van het centrum.  

De haltes aan Nieuwhof zijn op vandaag volstrekt ontoegankelijk en het is ook onmogelijk om deze toegankelijk aan te leggen. Daarnaast liggen deze haltes ook op amper 220 meter van de halte aan Dampoort en minder dan 200 meter van de haltes Banierpark. Ik heb daarom de opdracht gegeven om de haltes Nieuwhof samen te voegen met de haltes Banierpark, waarvan ook de halte richting Destelbergen zal vernieuwd en integraal toegankelijk gemaakt worden maar die zit nog in de onderzoeks- en ontwerpfase.    Voor de haltes aan het Heirnisplein is de situatie ingewikkelder, door de aanwezigheid van de verkeerlichten. Enerzijds liggen de haltes best voorbij de verkeerslichten zoals vandaag omdat dit beter is voor de doorstroming voor de bus. Om die integraal toegankelijk te maken, zouden we die moeten uitstulpen wat dan weer een negatief effect heeft op de doorstroming van de qua fileleed reeds fel geplaagde Dendermondsesteenweg. Deze haltes vergen nog verder onderzoek om aan te pakken.


Personeelstekort in de kinderopvang

09/04/2025 – Mondelinge vraag gericht aan Evita Willaert

De vraag โ†’

Vlaams minister van Welzijn Caroline Gennez  maakt geld vrij om 225 plaatsen in de kinderopvang in Gent bij te maken en dat is goed nieuws. De grote uitdaging is echter om voldoende personeel te vinden voor de kinderopvang.

  • Welke concrete stappen onderneemt de stad Gent om het personeelstekort in de kinderopvang aan te pakken?
  • Zijn er plannen om het beroep van kinderbegeleider aantrekkelijker te maken?
  • Welke plannen zijn er om niet-beroepsactieven toe te leiden tot de job van kinderbegeleider?
  • Komt er een wervingscampagne om dit beroep ook bij jongeren bekender en aantrekkelijker te maken?
  • Hoe kunnen we jongeren motiveren om de opleiding kinderverzorg(st)er te volgen?
Het antwoord โ†’

Beste Raadsleden Deene en Baert, 

hartelijk dank voor jullie belangrijke vragen.

Collega Deene, u vraagt of het klopt dat ouders in onze stedelijke kinderdagverblijven soms de vraag krijgen om hun kind vroeger op te halen. En of dat zomaar kan. 

Ik begrijp heel goed waar die bezorgdheid vandaan komt. Het klopt inderdaad dat er in sommige situaties tijdelijk een verminderde dienstverlening is โ€“ en dat ouders dan gevraagd wordt om hun kind vroeger op te halen. 

De reden daarvoor is helaas gekend: de sector kampt Vlaanderen-breed met een nijpend personeelstekort. De arbeidsmarkt is enorm krap, er stromen te weinig nieuwe kinderbegeleiders in en vervangingen vinden is moeilijk. Tegelijk vallen medewerkers ook vaker langdurig uit door ziekte. En wanneer mensen maar kort afwezig zijn โ€“ minder dan een maand bijvoorbeeld โ€“ mogen we ze volgens de regels vaak niet vervangen. 

Dat alles zorgt ervoor dat de kind-begeleiderverhouding op sommige momenten onder druk komt te staan. Die verhouding is niet zomaar een richtlijn, die is opgelegd door Vlaanderen. De Dienst Kinderopvang is dus decretaal verplicht om voldoende personeel aanwezig te hebben per aantal aanwezige kinderen. 

 Als we daar niet aan geraken, moeten we โ€“ met pijn in het hart โ€“ overschakelen op een alternatieve personeelsplanning. Als dat ook niet volstaat, dan pas stappen we over naar verminderde dienstverlening. Ik geef graag mee dat dit enkel gebeurt wanneer het echt niet anders kan.

Ik weet dat het voor ouders bijzonder moeilijk is als ze op het laatste moment iets moeten regelen. Daarom proberen we dat soort situaties zo veel mogelijk te vermijden. Maar tegelijk wil ik ook benadrukken: onze prioriteit blijft altijd een veilige, warme en kwaliteitsvolle opvang. En dat kan alleen als er voldoende begeleiders zijn.

De dienst kinderopvang probeert de last ook eerlijk te verdelen. Zo wordt erop toegezien dat niet telkens dezelfde ouders getroffen worden. Respijtdagen worden niet meegerekend, en waar mogelijk bieden we noodoplossingen aan. 

De Dienst Kinderopvang heeft trouwens al een heel aantal acties opgestart om het personeelstekort aan te pakken โ€“ daar kom ik straks graag nog even op terug, gezien jullie vragen. Maar zolang de sector kampt met structurele onderbezetting โ€“ en dat is in heel Vlaanderen het geval โ€“ kunnen we dit probleem jammer genoeg niet altijd vermijden. 

 Dus ja, beste Raadslid Deene, ik ben hiervan op de hoogte. En nee, het gebeurt niet zomaar. Het is een laatste redmiddel, dat we enkel inzetten wanneer het รฉcht nodig is om onze opvang veilig en kwaliteitsvol te houden โ€“ in het belang van de kinderen รฉn van het personeel dat wel aan het werk is.  

Ouders mogen erop rekenen dat we er alles aan doen om onze openingsuren aan te houden en onze werkingen draaiende te houden. Maar als het op bepaalde momenten toch niet lukt, dan is dat enkel omdat we binnen de wettelijke normen moeten blijven รฉn de veiligheid van de kinderen altijd willen garanderen. 

 Onze dienst Kinderopvang zoekt natuurlijk proactief naar oplossingen om het personeelstekort en ook de verminderde dienstverlening aan te pakken.  Ze neemt heel wat structurele acties zowel om ervoor te zorgen dat er nieuw personeel bijkomt, als om te vermijden dat huidige medewerkers uitvallen of de dienst verlaten.

Raadslid Deene, u vraagt ook hoe we deze situatie zullen verhelpen.  Die vraag overlapt met de vraag van collega Baert over de stappen die de stad onderneemt om personeelstekort in de kinderopvang aan te pakken. 

 Ik geef graag een paar concrete voorbeelden van wat de stad allemaal doet: 

  • De vacature voor kinderbegeleiders staat constant open. We maken deze bekend via jobbeurzen, op scholen, via sociale mediacampagnes, met affiches en bannersโ€ฆ
  • We geven goeie stagiairs meteen een contract in het kinderdagverblijf waar ze stage deden.
  • Verschillende locaties werken samen in een basisteam. Zo vangen ze onverwachte tekorten op door bij elkaar in te springen. 
  • We schakelen interims en jobstudenten in om tekorten op te vangen. 
  • We werken met mensen in zij-instroom trajecten. Deze mensen combineren een opleiding met leren op de werkplek. 
  • We werven extra pedagogische bachelors aan. Zij werken als kinderbegeleider en geven ondersteuning aan hun collegaโ€™s. 
  • Er wordt ook nauw samengewerkt met de interne Preventiedienst HR om het aantal kortdurende ziekte te verminderen. 
  • Sinds vorig jaar werken we met OKOโ€™s = โ€˜Ondersteuners in de KinderOpvangโ€™, waarmee we in Vlaanderen pionierden. Zij ondersteunen de locaties met praktisch werk in de leefgroep. Zo komt er meer ruimte vrij voor de kinderen.

Kortom: we zetten volop in op creativiteit รฉn samenwerking om het tekort zo goed mogelijk op te vangen. 

En daarin zijn we ook pionier:

  • De inzet van de OKOโ€™s is een Vlaamse primeur. 
  • En met veel plezier geef ik ook een nieuwe primeur mee: namelijk dat de Dienst Kinderopvang sinds kort twee wijkgerichte recruiters in dienst heeft.  Ook dat is een primeur. 

Vanaf volgende week gaan deze 2 mensen heel lokaal aan de slag om nog meer drempels te verlagen en mensen warm te maken voor een job in onze kinderopvang. Ze organiseren bijvoorbeeld infosessies of inleefmomenten in een kinderdagverblijf. Kandidaten zonder gepast diploma kunnen kosteloos starten met een opleiding en krijgen begeleiding. Ze kunnen onmiddellijk starten in een crรจche als Ondersteuner en worden op de vloer begeleid naar de juiste diploma om nadien te werken als volwaardig kinderbegeleider.  We beginnen dit pilootproject -in nauwe en gewaardeerde samenwerking met de VDAB- in de Brugse Poort. Na een evaluatie in de zomer, willen we daarna kijken of we kunnen uitrollen naar meer wijken. We gaan dus letterlijk op zoek naar kandidaten en zetten de deuren van onze opvang zo wijd mogelijk open voor nieuw talent.

Daarmee komen we ook bij de vraag van collega Baert, naar de plannen om het beroep van kinderbegeleider aantrekkelijker te maken.   

Het beroep van kinderbegeleider is ongelooflijk waardevol, deze mensen staan mee aan de wieg van de ontwikkeling van onze kinderen. Tegelijk weten we dat het de job helaas niet altijd de waardering krijgt die het verdient.  Het is een echte uitdaging om voldoende mensen te vinden รฉn te houden in deze sector. 

Er zijn veel randvoorwaarden om het beroep aantrekkelijker te maken, maar die hebben we als stad niet steeds zelf in handen. De bal ligt vooral in het kamp van Vlaanderen, dat wijst ook recent onderzoek van de OESO en de EU uit; de recepten voor een aantrekkelijke en kwalitatieve sector zitten vooral verankerd in Vlaamse regelgeving. 

Los daarvan nemen ook wij onze verantwoordelijkheid op en zetten we actief in op het aantrekkelijker maken van het beroep van kinderbegeleider. 

  • We zorgen voor correcte loonvoorwaarden โ€“ vb. al onze kinderbegeleiders vallen onder de zogenaamde trap 2 of 3. 
  • We bouwen ook aan een goed imago als betrouwbare werkgever. 
  • We investeren in loopbaanpaden en maken het mogelijk om te studeren en door te groeien tijdens het werk. Onze Dienst Kinderopvang biedt ook levenslang leren aan, afgestemd op de noden van de kinderopvangpraktijk. 
  • Recent zijn we ook gestart met een mobiele ploeg. Dat zijn kinderbegeleiders die niet vast in รฉรฉn team werken, maar flexibel worden ingezet waar er tijdelijk een tekort is. Op die manier kunnen we hen een uurrooster aanbieden dat beter aansluit bij hun leven. Denk aan iemand die liever geen vroege diensten doet, of iemand die in een co-ouderschapsregeling zit en liever een week werkt en een week vrij is. De eerste oproep voor de mobiele ploeg loopt intern, en we bekijken nu ook of er extern kandidaten zijn.

Maar er is een grens aan wat we als lokaal bestuur kunnen doen. Veel van de structurele hefbomen liggen op Vlaams niveau.

  • De werkdruk blijft torenhoog. 
  • Ook de instroom in de sector blijft problematisch: de opleiding om kinderbegeleider te worden is vandaag nog steeds kort en vraagt geen vooropleiding, terwijl de verwachtingen  โ€“ terecht โ€“ hoog zijn. De beloofde uitrol van een graduaat laat op zich wachten, ondanks het voorbereidende werk waar wij als stad ook aan hebben meegewerkt.

Kortom, beste raadslid Baert, Wij doen als stad wat we kunnen โ€“ en mรฉรฉr โ€“ maar de toekomst van het beroep kinderbegeleider ligt voor een groot stuk in handen van de Vlaamse Regering.

Wat uw vraag rond de toeleiding van niet-beroepsactieven betreft:Uiteraard zijn we ook actief bezig met het aantrekken van nieuwe mensen die vandaag nog niet actief zijn op de arbeidsmarkt. Sinds 2018 heeft Dienst Kinderopvang permanent minimum รฉรฉn project lopen dat onderzoekt hoe deze doelgroep kan bereikt en toegeleid kan worden naar de sector kinderopvang.  Dienst Kinderopvang was hierdoor in Vlaanderen รฉรฉn van de eerste werkgevers die innoveert om deze doelgroep te activeren.

We hebben bijvoorbeeld een mentorenproject dat niet-beroepsactieven begeleidt naar een kwalificatie als kinderbegeleider. Twee mentoren begeleiden op dit moment zoโ€™n 16 toekomstige kinderbegeleiders bij de Dienst Kinderopvang en een 10-tal toekomstige kinderbegeleiders bij de zelfstandige kinderdagverblijven. 

Ook is er een nauwe samenwerking met de VDAB  waarbij wijkwerkers van de job van kinderbegeleider kunnen proeven in afwachting van een opleiding. 

Daarnaast werkt DIKO ook nauw samen met AMAL dat zich specifiek richt op de doelgroep van nog niet-beroepsactieve inburgeraars. Een doelgroep met veel potentieel. In afwachting van hun diploma homologatie (wat een lang proces is) kunnen mensen als vrijwilliger meedraaien in onze kinderdagverblijven. Ook zijn er nauwe verbindingen met de dienst activering en werk met een focus op mensen met grote afstand tot de arbeidsmarkt. 

We zetten ook sterk in opzij-instroom en zijn hiervoor regelmatig een bron van inspiratie. Onze locaties staan open voor stagiairs uit alle mogelijke opleidingsvormen: duaal leren, CVO, secundair kinderzorgโ€ฆ Maar ook voor vrijwilligers, artikel 60-tewerkstellingen en wijkwerkers. Wie nog geen diploma heeft, kan bij ons als ondersteuner starten en via een mentortraject groeien naar een erkend attest via EVC (Elders Verworven Competenties). Zo geven we mensen met ervaring de kans om hun talenten te verzilveren.

U vraagt ook naar wervingscampagnes, collega Baert: natuurlijk proberen we jongeren warm te maken voor dit mooie beroep. We hebben vorig jaar een frisse wervingscampagne gelanceerd, met een filmpje en nieuwe slogans zoals โ€˜Geef jij het volgende lepeltje?โ€™ of โ€˜Bedenk jij het volgende spelletje?โ€™. Die campagne liep op verschillende mediakanalen online, maar ook in het straatbeeld. Ik hoop dat u de doeken van deze campagne al heeft zien hangen nabij een kinderdagverblijf bij u in de buurt. 

U vraagt ook hoe we jongeren motiveren om kinderbegeleider te worden. Dat doen we o.a. via de zorgberoepenrally. Zo bereiken we ook leerlingen uit het secundair โ€“ vanaf het vierde middelbaar โ€“ om hen te laten proeven van wat werken in de kinderopvang echt betekent.

Daarnaast werken de Dienst Kinderopvang en het Onderwijscentrum Gent in het project โ€˜Matchmakersโ€™ samen met de Gentse opleiders om de samenwerking tussen scholen en het werkveld te versterken. Door opleidingen af te stemmen op de dagelijkse realiteit worden drempels tussen onderwijs en arbeidsmarkt weggewerkt en wordt de inhoud van de opleiding beter afgestemd op de uitdagingen van het werkveld. 

Collega Baert, U verwijst, terecht , ook naar het masterplan van minister Gennez dat vorige week werd aangekondigd. Dat plan bevat ook maatregelen om personeel aan te trekken, bijvoorbeeld via versterking van de zij-instroom. 

Ik vind dit zeker een stap in de juiste richting en ik hoop van harte dat het op het terrein snel voelbaar wordt. Maar laat ons duidelijk zijn: als we het beroep van kinderbegeleider รฉcht aantrekkelijk willen maken en รฉcht willen valoriseren, dan moeten ook de loon- en arbeidsvoorwaarden dringend verbeterd worden. Dat blijft een fundamenteel pijnpunt. Zolang mensen in deze cruciale zorgfunctie niet eerlijk en waardig verloond worden, blijft het moeilijk om voldoende instroom en retentie te realiseren. Ik reken er dan ook op dat ook daar snel  Vlaams werk van wordt gemaakt. 

In Gent blijven wij ondertussen niet bij de pakken zitten. We zetten in op begeleiding, op maatwerk รฉn op samenwerking met de sector. Want goede kinderopvang begint bij sterke kinderbegeleiders โ€“ en die verdienen alle kansen, loon naar werken รฉn respect.


Openbaar sanitair Flixbusparking Gent-Dampoort

02/04/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Hafsa El-Bazioui

De vraag โ†’

Met onze lokale afdeling vanย Vooruit Gent-Oostย namen we de busparking aan station Gent Dampoort onder handen. De hoeveelheid afval was hallucinant, 10 vuilniszakken op 45โ€™. We vonden alles van flessen tot huisvuil, en de geur van uitwerpselen was niet te harden. Dit is geen veilige, propere of waardige plek voor pendelaars, reizigers, bewoners of buurtbewoners. Het afval trekt ongedierte aan en het openbaar urineren maakt het probleem nog erger. Ook voor de buschauffeurs die na lange ritten halt houden en pauzeren is dit niet de meest comfortabele omgeving. En om afval achter te laten is er 1 standaardvuilnisbak.

  • Is er in het licht van het comfort van buspersoneel de problematiek van het ontbreken van een toilet bekend bij de stad, en zijn daar al stappen voor gezet? Graag duiding.ย 
  • Kan er een openbaar toilet aan de bushalte worden voorzien? Het dichtstbijzijnde openbaar toilet bevindt zich in station Gent Dampoort en is gesloten op zondag.
  • Kan de wandelroute naar het toilet van Dampoort-station voldoende bewegwijzerd worden, zowel voor reizigers als voor het buspersoneel?

Comfort reiziger

  • Is er een mogelijkheid om iets meer zitplaatsen en schaduwrijk maar ook weersbestendig comfort te voorzien? Graag duiding.
Het antwoord โ†’

In het Beleidskader Publiek Sanitair van 2021 werd Gent-Dampoort aangeduid als een hotspot voor toiletnoden. De uitgangspositie toen was dat de toiletten in het station, beheerd door NMBS, deze behoefte voldoende afdekten. Intussen blijkt dat deze toiletten gesloten zijn op zondag. 

Als Stad willen wij blijvend inzetten op het potentieel dat de NMBS toiletten aanbieden.  Daarvoor is overleg tussen Stad Gent en NMBS essentieel, om verantwoordelijkheden, mogelijkheden en budgetten af te stemmen. De diensten van Stad Gent hebben al het initiatief genomen om hierover in overleg te gaan met NMBS. Een gesprek wordt op korte termijn ingepland. 

Wat betreft de signalisatie: de vraag om bijkomende bewegwijzering naar de toiletten vanuit de busparking is reeds overgemaakt aan NMBS. Zij gaven aan dat hun signalisatie recent herwerkt is en dat er momenteel geen bijkomende aanpassingen voorzien zijn.  Het plaatsen van signalisatie is de exclusieve bevoegdheid van NMBS. 

Er wordt momenteel bekeken, in overleg met de Wegendienst, of het haalbaar is om bijkomend comfort te voorzien, dit wordt verder onderzocht. 


Ongedierte Flixbusparking Gent-Dampoort

02/04/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Bram Van Braeckevelt

De vraag โ†’

Met onze lokale afdeling vanย Vooruit Gent-Oostย namen we de busparking aan station Gent Dampoort onder handen. De hoeveelheid afval was hallucinant, 10 vuilniszakken op 45โ€™. We vonden alles van flessen tot huisvuil, en de geur van uitwerpselen was niet te harden. Dit is geen veilige, propere of waardige plek voor pendelaars, reizigers, bewoners of buurtbewoners. Het afval trekt ongedierte aan en het openbaar urineren maakt het probleem nog erger. Ook voor de buschauffeurs die na lange ritten halt houden en pauzeren is dit niet de meest comfortabele omgeving. En om afval achter te laten is er 1 standaardvuilnisbak.

  • Is deze plek bekend bij de ongediertebestrijding, en welke maatregelen worden er genomen om deze hier te bestrijden?
Het antwoord โ†’

De Groendienst is op de hoogte van de overlast rond ratten op deze locatie. Sinds december 2023 werken we samen met RATO vzw die instaat voor rattenbeheersing in het merendeel van de Oost-Vlaamse steden en gemeenten.

In deze periode bereikte ons 3 meldingen op de de busparking aan station Gent Dampoort waarop RATO vzw op 3 verschillende plekken de bestrijding opstartte. De laatste controle dateert van 26 maart 2025. Wij willen graag benadrukken dat iedereen plaagdieren kan melden via ons online meldingsformulier. Dit formulier is beschikbaar op website van de stad en stelt ons in staat om snel en effectief actie te ondernemen.


Vrijwilligerswerk als ambtenaar

02/04/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Burak Nalli

De vraag โ†’

De Vrijwilligerswet regelt het vrijwilligerswerk dat zich afspeelt in Belgiรซ en dat georganiseerd wordt door organisaties die in Belgiรซ gevestigd zijn of een officiรซle zetel in het land hebben. 

De Vrijwilligerswet is van kracht sinds 2006. Ondertussen zagen verschillende aanpassingen aan de wet het levenslicht. 

Ambtenaren moeten volgens de vrijwilligerswet in theorie toelating vragen om te mogen vrijwilligen.ย 

  1. Geldt dit ook voor ambtenaren van de Stad Gent ?ย 
  2. Indien ja, hoeveel ambtenaren hebben reeds toestemming gevraagd om vrijwilligerswerk te doen ?ย 
  3. Hoeveel tijd neemt dit in beslag ?ย 
  4. Is hiervoor een vereenvoudiging/vrijstelling mogelijk ?ย 
Het antwoord โ†’

In afwachting


Parkeerplekken voor mensen met verminderde mobiliteit aan De Zwarte Doos

01/04/2025 – Schriftelijke vraag gericht aan Joris Vandenbroucke

De vraag โ†’

Vlak aan het dienstencentrum van Gentbrugge, De Zwarte Doos, zijn er twee reeksen van in totaal ongeveer 55 parkeerplekken. Hieronder vallen een aantal laadplekken en plekken voor deelwagens maar er is geen enkele plek voorzien voor mensen met verminderde mobiliteit. De dichtstbijzijnde parkeerplek voor mensen met verminderde mobiliteit is 150 meter verderop. Dit zorgt voor grote ongemakken voor mensen die in het dienstencentrum komen.

  • Is de schepen bereid na te gaan of er enkele parkeerplekken aan het dienstencentrum voorbehouden kunnen worden voor mensen met verminderde mobiliteit?
Het antwoord โ†’

Het is een terechte vraag om parkeerplaatsen voor personen met een handicap (PPH) dichter bij het dienstencentrum te plaatsen.
 In de huidige situatie zijn er 4 PPH’s voorzien, welke behouden zullen blijven. Het Mobiliteitsbedrijf zal 2 bijkomende plaatsen voorzien aan de ingang van het dienstencentrum.


  • Facebook
  • Instagram
  • X
  • LinkedIn
  • Mail
  • RSS feed

Archives

  • januari 2026
  • december 2025
  • november 2025
  • oktober 2025
  • september 2025
  • augustus 2025
  • juni 2025
  • mei 2025
  • april 2025
  • maart 2025
  • februari 2025
  • januari 2025
  • oktober 2024
  • september 2024
  • augustus 2024
  • juli 2024
  • juni 2024
  • mei 2024
  • april 2024
  • maart 2024
  • februari 2024
  • januari 2024

Heb je een vraag of een opmerking voor mij? Mail me gerust op: veerle.baert@stad.gent

©2026 Veerle Baert | WordPress Theme by SuperbThemes